Weg met wachtlijsten: elk kind krijgt plek in opvang
Iedereen in onze stad moet de kans krijgen om zijn of haar talenten te ontdekken, te ontwikkelen en in te zetten. Daarom investeren we in een sterk sociaal-economisch beleid, waarbij we mensen in hun kracht zetten en duurzaam begeleiden naar werk op maat van die talenten. Dat doen we via ons eigen vormingscentrum en aanklampende activeringstrajecten, maar ook door intensief samen te werken met lokale partners zoals VDAB, LIGO, Overkop² en Trackablities.
Omdat we ons ervan bewust zijn dat het niet voor iedereen vanzelfsprekend is om te gaan werken, zetten we maximaal in op het verlagen van drempels zoals mobiliteit en kinderopvang. We doen dit door elektrische fietsen aan te bieden en extra plekken te creëren in de kinderopvang. We koppelen die kinderopvang ook rechtstreeks aan activeringskansen en opleidingen voor ouders. Denk bijvoorbeeld aan de Moedergroep, waarbij anderstalige mama’s met kleine kindjes terecht kunnen om elkaar te ontmoeten en samen Nederlands te oefenen. Op die manier streven we ernaar om onze werkzaamheidsgraad de komende jaren verder te verhogen.
Wat betreft het aantal inwoners met een leefloon, scoren we ondanks onze positie als derde grootste stad van Limburg best sterk. Want amper 3,7 inwoners op 1.000 krijgt een leefloon in Beringen. En daarmee scoren we beter dan het Limburgs én het Vlaams gemiddelde van respectievelijk 4,4 en 6,4 inwoners op 1.000. Door extra in te zetten op activering, willen we deze positie minstens behouden maar uiteraard liefst versterken. We blijven er op focussen dat we mensen zo kort mogelijk binnen leefloon houden zodat ze snel aan de slag kunnen. Want het blijft natuurlijk wel zo dat het leefloon een vangnet is en geen hangnet.
En natuurlijk begint activering en het zoeken naar een job die past bij je talent van jongs af aan. Daarom blijven we jongeren die zoekende zijn op weg helpen samen met het Jongeren Adviescentrum en OverKop Kwadraat. Jongeren die het risico lopen om vroegtijdig uit te vallen op school, ondersteunen we met passende begeleiding. Om deze gedeelde uitdaging aan te gaan bouwen we verder aan een sterk onderwijsnetwerk en bundelen we de krachten met elke onderwijspartner in onze stad.
We blijven ook werken aan een kindvriendelijk aanbod dat onderwijs, opvang en vrije tijd mooi met elkaar verbindt. Daarom kozen we er in september voor om Villa Barrie op te richten. Deze keuze kadert in het nieuwe BOA-decreet en uit zich in de ambitie om tegen 2030 alle wachtlijsten in de buitenschoolse opvang volledig weg te werken én een gebiedsdekkend aanbod uit te bouwen voor alle 4.848 schoolgaande kinderen in het basisonderwijs. Zo is elk kind in Beringen zeker van een plekje in de opvang en van toegang tot buitenschoolse activiteiten, tijdens schooldagen én vakanties.
En Beringen is niet alleen een kindvriendelijke stad, maar ook een diverse stad. 89 verschillende af- en herkomsten leven hier samen en zo’n 2.319 schoolgaande kinderen in Beringen groeien op in een gezin waar Nederlands niet de moedertaal is. Nochtans is Nederlands spreken cruciaal als verbindende factor én als springplank om een mooie toekomst uit te bouwen. Daarom tekenen we in op de Vlaamse Projectoproep Oefenkansen Nederlands waarmee we 1915 extra oefenkansen creëren tussen maart 2026 en augustus 2028. Zo organiseren we een maandelijkse praatgroep opgestart in Dienstencentrum De Klitsberg en breiden we oefenkansen uit binnen bestaande initiatieven zoals vriendEnWerk, Pim Pam Praat of de fietsschool, waar we zullen uitbreiden naar fietsbuddy’s. Daarnaast zetten we binnen ons lokaal bestuur een netwerk op dat alle taalinitiatieven in onze stad bundelt en verder uitrolt. Zo creëren we extra laagdrempelige mogelijkheden om taal te oefenen. Van bij de geboorte via Kind en Taal, door samen te oefenen in het Inloophuis of door interactieve leermomenten te organiseren voor ouderen in dienstencentrum De Klitsberg. Omdat taal en oefenkansen overal aanwezig zijn in onze stad, werken we actief samen met lokale jeugdhuizen of sportclubs om Nederlands te stimuleren in het dagelijks leven.
De rode draad in dit geheel is dat we kansen willen creëren, voor iedere inwoner, voor ieder kind. En om dat te kunnen doen, moeten we oog blijven hebben voor de situatie waarin iemand leeft, overleeft of opgroeit. Daarom blijven we inzetten op een integraal armoedebeleid. We zorgen ervoor dat elk kind gelijke kansen krijgt, ongeacht de thuissituatie, en we laten niemand links liggen. Daarom voegen we een kind- en leeftijdsvriendelijke reflex toe aan de armoedetoets, zodat we bij elke beleidsbeslissing extra stilstaan bij de impact op kinderen en ouderen die het financieel moeilijk hebben. Concreet voeren we deze toets minstens 20 keer door bij beslissingen binnen elke beleidsdoelstelling. Zo denken we bijvoorbeeld na over de impact van beslissingen over het organiseren van evenementen voor onze inwoners, het verbeteren van de kwaliteit van onze dienstverlening of het toeleiden van kansengroepen naar vrije tijd.
Maar die kansen creëren we niet alleen. Samen met het Huis van het Kind, scholen en verschillende welzijnspartners ondersteunen we waar nodig en doorbreken we de vicieuze cirkel van armoede zodat elk kind een eerlijke start krijgt in het leven.